Fifteenth blog post

Eigenlijk zijn er in dit leven maar een paar echte zekerheden. Eén daarvan is: vertrouw op je intuïtie, luister naar je gevoel. Niet altijd makkelijk, dus probeer je je – naast je gevoel – ook vast te houden aan kennisinstituten, bestaande systemen. Neem bijvoorbeeld het consultatiebureau. Eigenlijk, heel eerlijk, heb ik daar in al die jaren niks aan gehad. Erg, maar waar. Het enige dat het me opleverde was dat ik wist hoeveel mijn kind woog en hoe lang het was geworden. Verder waren het vooral statistieken die het gesprek bepaalde. Over hoe mijn zoon te dun (maar ook te lang…) zou zijn. Had ik vragen die verder reikten dan statistieken en de normale verdeling, dan was ik steeds weer aan het verkeerde adres. En op de een of andere manier leek mijn zoon toch steeds buiten elke norm te vallen. Te snel met rollen, te langzaam met lopen, te langzaam met babybrabbel, te snel met het kennen van alle nulzes-nummers van de familieleden…

“Direct nadat je geboren wordt, doet het gemiddelde zijn intrede in je bestaan. Je lengte, gewicht en hoofdomtrek belanden gelijk in een grafiek, met een prachtige gemiddelde groeicurve. Er wordt zorgwekkend gekeken als je niet ‘tussen de lijntjes’ scoort. Op de basisschool wordt jou en je ouders al snel duidelijk of je je in de onderste of bovenste regionen van het basisonderwijs bevindt. Dat wordt allemaal keurig bijgehouden door het leerlingvolgsysteem. En zo treed je de wereld binnen van de gemiddelde mens. En van de mensen die daarvan afwijken.” https://operation.education/onderwijsvraag-14-waarom-gaan-we-uit-van-een-gemiddelde/

Vooral bij een eerste baby maak je je zorgen over van alles en durfde ik persoonlijk niet goed te vertrouwen op mijn intuïtie, op mijn zogenoemd en geroemd moederlijk instinct. Echter ook al snel merkte ik dat niemand mij echt duidelijkheid kon geven, want er is geen IKEA-bouwtekening van mijn baby. Wanneer je zwanger bent dan begint de verloskundige al snel met de belangrijke woorden: vertrouw op je intuïtie. De verloskundige, de huisarts, allemaal zeggen ze: “we hebben liever dat je 1x te veel belt dan 1x te weinig, dus als je denkt dat er iets niet klopt, bel!” En toch, dan bel je zo’n arts, en dan voelt het vaak of ik me aanstel, alsof het allemaal toch wel meevalt. En natuurlijk heb ik weleens een een check-up gehad in het OLVG tijdens mijn zwangerschap omdat ik dacht dat ik de baby niet voelde. En was het goddank loos alarm. Maar ik kom écht niet zomaar langs met een kind! Al te vaak verliet ik een dokters- of tandartskantoor met het gevoel alsof ze me verdachten van het hebben van het münchhausen-by-proxysyndroom. Want als je 4x komt met een kind voor een tandartscontrole en aangeeft dat hij last lijkt te hebben, en zij steeds niks zien en doen…. dan ga je je ook een beetje een gekkie voelen. Verbeeld ik het me dan toch? Right there and then, daar gebeurde het dus. Tornen aan je moederlijk instinct, je intuïtie. Terwijl dat, in de wirwar van het leven, nou juist het enige is dat blijft staan als een huis, dat me toch zelden teleurstelt. Dus elke keer opnieuw, herpak ik me en kom ik tot mezelf en vertrouw weer op(nieuw) dat instinct.

https://operation.education/onderwijsvraag-14-waarom-gaan-we-uit-van-een-gemiddelde/

Maar mijn zoon, die valt niet goed te plaatsen binnen de norm van de normaalverdeling. En dat maakt dat je als ouder ongelofelijk stevig in je schoenen moet staan. Want als we uitgaan van een norm, dan missen we van alles! En zo staan we nu aan de vooravond van een ingreep die mijn zoon op deze leeftijd – en ons allen een lijdensweg – bespaard had kunnen blijven. Toen ik voor de vierde keer onverrichter zake werd weggestuurd nadat ik mij zo’n zorgen maakte over mijn zoon’s gebit nam ik eindelijk de leiding. Genoeg nu met: “Het zijn maar melktanden, daar doen we niet veel aan.” Ik stond erop dat ik die dag zou vertrekken met een verwijzing naar een specialist, ook al keek de tandarts me aan als het münchhausen-by-proxysyndroom in levenden lijve. Het eind van dat verhaal was een te zware ingreep bij een specialist, onder narcose, vier tanden in 1x verwijderd (en we dachten dat we kwamen voor een paar vullingen…) omdat er wel degelijk allang (!) iets had moeten gebeuren. Onvoorstelbaar, wat voelde ik me belazerd. Niemand had geluisterd. Wat een pijn had mijn arme kind gehad, en wat een lijdensweg was dit voor ons allemaal al lange tijd geweest. Als nieuwbakken moeder heb je helemaal niks om op terug te vallen? Alleen maar dat oergevoel, dat instinct dat roept: het zit niet goed.

Toen zoonlief werd geboren begon de ‘strijd’ die borstvoeding heette. Ik wilde het zo graag, maar hij spartelde en verzette zich ontzettend. Hij wist zich geen raad met al die melk, verslikte zich non-stop. Lactatiekundige erbij: overproductie. Liggend voeden. Ondersteboven voeden. Achterstevoren voeden. Alles doe je, je geeft niet op. Is zijn tongriempje niet te kort, vroeg ik haar. Dat is het eerste wat je leest als je je hierin verdiept. Maar nee, dat was niet zo. En diep van binnen wist ik, het lukt hem gewoon niet, en dat is toch oké? Tot ik het eindelijk los kon laten (honderden euro’s aan consulten en kolfmateriaal lichter), en hij de fles kon drinken. Dat was voor ons allebei een bevrijding. Alhoewel, hij bleef toch stoeien met die fles. Slikken ging zo lastig. Hij had moeite een speen in zijn mond te houden. Hij streed met fruithapjes, met stukken fruit. Hij kreeg geen broodje weg. Altijd, zijn hele leventje, een gevecht met voeding. Tot zijn vierde kreeg hij nog geblenderd voedsel, dat maakte het allemaal best complex. Neem je blender maar mee naar visites en logeerpartijtjes. En altijd is er oordeel, (ongevraagd) advies, vragen, “kun je niet beter…. doen?” en “hij zal toch eieren voor zijn geld kiezen, hij bespeelt je gewoon”. Mensen die er iets van vonden, en al die geweldige adviezen ook altijd met je delen. Je voelt je elke keer opnieuw aangesproken. Maar JIJ WEET, dit is wat hij kennelijk nodig heeft. Ik zie het ook liever anders. Maar door hoe anderen oordelen, ga je je weer een gekkie voelen. Verbeeld ik het me dan toch? Zou hij het echt wel kunnen als ik nu zou stoppen met het gebruiken van de blender, met hem voeren? Had ik hem dan toch moeten laten spelen met zijn eten, de Rapley-methode moeten laten ervaren? Maar ook hierin was hij anders. Hij hield niet van ‘vies’, van vieze handen. Hij raakte niks aan, geen eten, niks. Hij vond alles om te huilen. Als ik lekker wilde picknicken dan huilde hij van het ‘gevoel van het gras’. Als we naar het strand gingen dan huilde hij van het ‘gevoel van zand’. Nee, die Rapley-methode had ons niet geholpen, zo weet ik nu.

Ooit haalde ik hem als peuter uit zijn bedje na een slaapje, trok zijn speen eruit en trok een heel stuk mandarijn uit zijn wangetje. Kreeg ie dus ook niet weg. JEMIG. Hij had er wel in kunnen stikken!! Wat was dit toch? Geen antwoord. Niks. Alleen maar adviezen, altijd maar die adviezen. De logopediste: “Je moet hem wat harder aanpakken, hij moet leren eten. Ik kom wel langs tijdens voedingen om je advies te geven.” Hij kon stukjes vlees bijvoorbeeld niet wegkrijgen. Dat vond ik dan 2 uur later gewoon nog in zijn lekkere dikke wang. En toen was hij dus al drie! Ik zie haar nog zitten, de logopediste. Naast hem, aan tafel. Steeds met haar vinger prikkend in zijn wang, “kom op Rocco, kauwen, nu doe je het weer niet!” Na afloop van zo’n sessie waren we allemaal gefrustreerd. Is het niet zijn tongriempje, vroeg ik weer. Nee, dat was het niet. De dokter. Het consultatiebureau. De tandarts. De logopediste. Specialisten, overal. Aan iedereen vroeg ik het. Aan iedereen vertelde ik het verhaal, over hoe moeizaam de eerste jaren al waren. En toen ik mijn tweede kindje kreeg wist ik: het kon ook heel anders. Wat een genot, borstvoeding was een feest! Nou ja, na die eerste vreselijke dagen dan… Ik voedde haar bijna een jaar. Trots was ik. Alles wilde ze eten, proeven. Met haar was het allemaal compleet anders! Dat bood troost, het lag niet aan mij. Het was ‘eigen’, het hoorde bij hem. Ach, als dat dan het ergste was.

Maar doordat hij altijd veel moeite had met slikken, met eten, ontwikkelde hij dus ook die slechte tanden. Arm kind, vier tanden in 1x uit je mond. Wij maar denken (en eigenlijk zei de tandarts dat ook…) dat we zijn tanden niet goed poetsten, hamerend op tandverzorging. En dan die paar jaar zonder die vier tanden voor-boven in je mond. Ga dan maar eens een broodje afhappen! Inmiddels is hij 7 jaar en kan hij in no-time een bord pasta naar binnen werken, brood en zelfs een pizza afhappen. Dat waren voor ons momenten om te vieren! He he, nu wordt alles dus ‘normaal’. Maar toen…

Vorig jaar, na onze verhuizing naar de VS stapten wij vol vertrouwen het tandartskantoor binnen. De kinderen hun eerste check-up, idem voor mijzelf. Ik gun iedereen een tandartsbezoek zoals wij dat inmiddels hebben leren kennen hier. Ik geloof dat we een uur per persoon bezig waren met alleen al de intake, het gesprek! Enfin, de tandarts kijkt in Rocco’s mond, kijkt me aan en zegt: zijn tongriempje is echt te kort, dat moet worden verholpen. Ik kijk hem aan en tranen springen in mijn ogen… NEE! NEE!! *insert vloekende moeder* Al die jaren. AL DIE JAREN! Al het onbegrip, alle aanpassingen, al die wanhoop. Al die waardeloze adviezen, de twijfel aan mijn moederschap, ons ouderschap, het tornen aan mijn instinct.

De tandarts vervolgt: “De ingreep duurt maar 1 minuut mevrouw, we gebruiken een laser. Hij zal daarna wel therapie nodig hebben want hij heeft zijn tong nog nooit kunnen gebruiken om te slikken zoals dat hoort. Hij heeft zichzelf moeten leren slikken op een andere manier. Als iemand slikt, dan rust zijn tong in het gehemelte. Hij kan dat dus niet. Hij zal dus opnieuw moeten leren slikken, zijn tong opnieuw moeten leren gebruiken. Zijn gehemelte is hierdoor niet rond gevormd, zijn tanden en kaak idem.” SAY WHAT? Zijn gezicht, zijn spieren in zijn gezicht, zijn gehemelte, zijn slikken. Allemaal problemen omdat hij al die jaren alleen maar een te kort tongriempje had. Een ingreep van 1 minuut!

Ik kan niks anders dan mij hierbij neerleggen. Aanvaarden dat het zo liep, dat het zo moest gaan. Over een paar jaar ben ik het misschien zelfs vergeten. Maar voor nu, nu kruipt het af en toe toch even in mijn systeem. En nu we richting die bewuste ingreep toeleven maakt het me toch wat vaker boos. Maar het is zo, it is what it is. En heel misschien sterkt mijn schrijven een andere moeder/ouder, moedig ik een ander aan om toch nog beter te luisteren naar je gevoel. Vecht voor je intuïtie!

Recent lunchten we bij een lieve vriendin hier in Washington DC, tevens een lactatiekundige. Ze ontmoette mijn zoon die dag voor het eerst en zegt vrijwel direct: “Goh, heeft hij een te kort tongriempje? Ik zie het aan zijn tong en ik hoor het aan zijn spreken.” Ik zucht. Wow. Had ik háár maar ontmoet toen ik hem zo graag wilde voeden na zijn geboorte en keer op keer wanhopig naar lactatiekundigen belde in Amsterdam, hem overal naartoe meesleepte in zijn Maxi-Cosi voor consulten…

https://www.drspee.nl/mijn-meest-recente-inzicht-100-blogs-dag-30/

4 thoughts on “Fifteenth blog post

Add yours

  1. Ah lieverd,
    Wat ontzettend triest dat men nog steeds niet doorheeft dat een moeder instinkt feilloos is.
    Lieve Lies blijf vooral luisteren naar je hart. .. dat klopt altijd !!!
    💖

    Liked by 1 person

  2. Heel mooi geschreven!
    Ook herkenbaar!! Marcus was tussen zijn tweede en vierde jaar zo vaak ziek. We zeiden dat het door zijn amandelen kwamen, maar artsen wilden ze niet weghalen, dat was het niet, volgens hen. Toen we in de US kwamen en hij weer zo ziek werd, zag de arts meteen dan zijn amandelen eruit moesten, ze waren continue ontstoken en vol littekenweefsel. Na de ingreep kregen we een ander, gezond en energiek kind terug.

    Marcus heeft net voor school dit gedicht geschreven. Het moest over een conflict gaan. Hij heeft er zijn Inner Conflict van gemaakt. Niet dat dit met zijn amandelen te maken heeft :), maar het zegt wel iets over de afwegingen die we zelf continu maken, met en zonder invloed van buitenaf.

    Marcus Meijer 
    Inner Conflict 

    The conflict in myself makes me feel ashamed,  but often I have only myself to blame. 
    My conflict sometimes tears me apart,  but healing it is the hardest part. 
    For the same reason most bad things happen,  it was my conflict that let it happen. 
    I wasn’t laughing at all   and would lose more and more hope, and fall. 
      Having the power to blame it on myself,  would be amazing and wouldn’t hurt anybody else. 
      Normally fitting things together is hard,  making one piece and not let it fall apart. 
    Even though things can’t be straight,  a good bond with myself could never break,
      if I would just try and try again  one time it will be one piece again. 

    Liked by 1 person

    1. Wat beschrijft hij dat prachtig. Ja, jouw Marcus deed me aan Rocco denken. Wat heeft hij dit mooi geschreven, en wat beeldend. Mooi hart! Zo herkenbaar inderdaad. En wat is het toch bijzonder om dan je gevoel zo bevestigd te krijgen. Een ‘bloeiend’ kind te kunnen zien. En wat jammer dat het zo lang moest duren!

      Like

  3. Moeder (maar ook vader ) instinct…. pfffff daar zeg je me wat. Ook ik kan uit eigen ervaring vertellen dat die er niet om liegt. Hoe snel je in de hoek wordt gezet, ach lieverd, tis niks hoor, hoort er allemaal bij als je kindje net is geboren.
    Maanden lopen leuren bij alle artsen, het klopt niet, er is wat mis met hem…..
    Na maanden bleek dat dus ook zo te zijn 🥺
    Dat gevoel van frustratie zal slijten, maar nooit worden vergeten.
    Sterkte Lies en vooral sterkte voor je kleine man!! Zet em op Rocco!!

    Liked by 1 person

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s

Create a website or blog at WordPress.com

Up ↑

%d bloggers like this: